Verborgen parels in de Franse Alpen

Val Thorens, Les Menuires, La Plagne en Les Arcs. Het zijn ronkende namen voor wie met het vallen van de sneeuw jaarlijks naar de Franse Alpen V sneeuw jaarlijks naar de Franse Alpen trekt. Veel minder bekend zijn de authentieke bergdorpjes Saint-Martin-de-Belleville, Peisey-Vallandry en Champagny, die aan de rand van deze populaire skidomeinen verborgen liggen. Wij gingen op zoek naar de drie geheime parels van de Franse Savoie, waar sfeer en gezelligheid primeren boven betongeweld en massatoerisme.

Het gezellige Alpendorpje Saint-Martin-de-Belleville ligt verscholen in het hartje van Les Trois Vallées.

“We kennen wél de voordelen, maar niet de nadelen van onze grote buren”, glundert Stéphanie Cardon van de toeristische dienst van Saint-Martin-de-Belleville, een eeuwenoud Frans dorpje dat verscholen ligt in Les Trois Vallées, het grootste ligt op 1.450 meter hoogte, maar wie het indrukwekkende pisteplan van Les Trois Vallées openslaat, kijkt er zo overheen. “We liggen ietwat afgelegen, maar dat maakt onze gemeenschap net uniek”, gaat Stéphanie enthousiast verskidomein ter wereld. Waar de aangrenzende stations in de jaren zeventig en tachtig speciaal voor de wintersport uit de grond werden gestampt – wat zich in een ongecontroleerde bouwwoede vertaalde – was Saint-Martin- de-Belleville éérst een alpendorp en werd het pas later omgevormd tot toevluchtsoord voor skitoeristen.

Dat laatste wordt meteen duidelijk als je Saint-Martin- de-Belleville binnenrijdt. Hier tref je geen lelijke, inwisselbare appartementencomplexen aan, maar wel een authentiek, gezellig centrum met houten huisjes en chalets. Hoogbouw is verboden en wie een nieuwe woning neerzet, wordt verplicht om met lokale natuurproducten als hout en steen te werken. “We zijn het meest familiale en rustige dorp van Les Trois Vallées, waardoor we vooral gezinnen aantrekken. Er is zelfs een crèche voor ouders die een dagje zonder kroost de pistes willen verkennen.”

Vanuit het rustige Champagny ben je zo op de pistes van het fantastische La Plagne

Doordat wintersporters ’s morgens over de rest van Les Trois Vallées uitwaaieren, is het overdag bovendien opvallend rustig in het dorp. Ideaal voor wie met een lokale gids het middeleeuwse centrum wil ontdekken, of zich onderaan de pistes op een terrasje in de zon nestelt. Het verschil met de drukte van het nabijgelegen Val Thorens of Les Menuires kan moeilijk groter. En hoewel Saint- Martin-de-Belleville afgezonderd ligt van de rest van het domein, droppen een razendsnelle gondel en zetellift je in minder dan tien minuten in het hartje van Les Trois Vallées, klaar voor eindeloos glijplezier. Eenmaal boven kan enkel nog keuzestress voor problemen zorgen, want met 650 kilometer aan pistes zijn de mogelijkheden nagenoeg eindeloos. Maken we eerst een ommetje langs het luxueuze Courchevel, dalen we af richting Méribel of steken we meteen door naar Val Thorens, dat op 2.300 meter ligt en tot eind april uitstekende sneeuwcondities garandeert? “We zijn een piepklein dorp, dat toegang heeft tot het grootste skidomein ter wereld”, zegt Stéphanie trots. “Daardoor is ook de sneeuwzekerheid gegarandeerd, wat in tijden van klimaatopwarming geen onbelangrijk gegeven is.”

Na een zonovergoten dag op de pisten blazen we ’s avonds uit in het viersterrenhotel Saint-Martin, pal aan de piste. Een betere locatie vind je hier niet, maar daar betaal je uiteraard voor. Doordat het centrum geen grote appartementsblokken telt, liggen de prijzen sowieso wat hoger dan in bijvoorbeeld Les Menuires of Val Thorens. In totaal telt Saint-Martin-de-Belleville zo’n 3.000 toeristenbedden, die tijdens de drukste weken snel volzet zijn.Het loont echter de moeite om rechtstreeks contact op te nemen met de eigenaars van de talrijke chalets in het dorp, die voor een groot deel in privéhanden zijn. Door zelf te bellen of mailen, vind je steevast de beste deal, al kost het wel een pak meer werk en moeite dan een boeking via een reisbureau. Aan u de keuze.

Toren van Pisa

Na nog een voormiddag glijplezier op de prachtige, boulevardbrede pistes van Les Trois Vallées zetten we koers richting Champagnyen- Vanoise, nog zo’n vergeten skistation in het hooggebergte van de Savoie. Het vroegere boerendorp is al sinds de jaren zeventig met de pistes van La Plagne en Les Arcs verbonden. Ook voor Champagny geldt: wél de voordelen, niet de nadelen van een megastation. Het dorp telt vandaag zo’n 700 inwoners, maar dat aantal vertienvoudigt in de wintermaanden. “Kleinschaligheid blijft echter het codewoord”, verzekert stationdirecteur Christophe Lebel. “Champagny-en-Vanoise is vooral populair bij families met kinderen die aan de drukte van La Plagne willen ontsnappen.”

Absolute aanrader: een wandeling op sneeuwschoenen in de vallei van Champagny-en-Vanoise, ver weg van de pistes.

Een gondel voorziet een vlotte verbinding met de prachtige, sneeuwzekere pistes aan de andere kant van de berg, maar ’s avonds laat je even makkelijk het massatoerisme weer achter je. Bovendien draait Champagny rond veel meer dan alleen wintersport. Zo organiseert het toerismebureau elke dinsdag een historische wandeling door het eeuwenoude centrum, goed voor wat extra cultuurpunten tijdens uw skitrip. Hoogtepunt is de kerk van Saint Sigismond, ook wel de lokale toren van Pisa genoemd. “De kerkmuur is in de loop der jaren langzaam weggezakt”, weet onze gids David Dereani, terwijl hij wijst naar een buitenmuur die door een dronken architect lijkt te zijn opgeleverd. Binnen blijkt de situatie nog erger en staat het halve interieur schots en scheef. “Maar jullie lopen geen gevaar”, verzekert David. “Metingen hebben aangetoond dat het gebouw intussen stabiel is.”

Wie liever de natuur in trekt, kan in Champagny terecht voor ns laatste “verborgen” skistation op de agenda is het gezellige Peisey-Vallandry, dat samen met Les Arcs en La Plagne sinds 2003 het skidomein Paradiski vormt. Waar de stations van Les Arcs puur en alleen voor de wintersport werden opgetrokken, bestond Peisey- Vallandry al lang voor er sprake was van skitoerisme.

Verborgen parels betekent niet dat je er niet heerlijk kan skiën!

“Dit is een authentiek bergdorpje, en die charme hebben we zo goed mogelijk weten te behouden”, valt ambassadrice Marie Rivaud in herhaling. Peisey-Vallandry telt amper 60 pistekilometers, maar kent een uitstekende verbinding met Les Arcs en La Plagne. Voor de gevorderde skiërs is de Aiguille Rouge, de tweede langste afdaling van de Franse Alpen, een must. Je start op een hoogte van 3.226 meter en eindigt 2.000 meter lager met brandende kuiten in het dorpje Villaroger. Het hele gebied is het hele seizoen erg sneeuwzeker doordat de meerderheid van de pistes boven de 1.800 meter ligt. De streek heeft bovendien veel meer te bieden dan enkel het skitoerisme. Op een uurtje wandelen van Peisey-Vallandry ligt de barokkapel Notre Dame des Vernettes, in de zomer een populair bedevaartsoord en een ideale activiteit voor de niet-skiërs in uw gezelschap.Via een zacht hellend bergpad – verboden terrein voor skiërs – is het iets minder dan vijf kilometer stappen naar het driehonderd jaar oude kerkje. Onderweg heeft u een prachtig zicht over de vallei. Het kerkje zelf herbergt een indrukwekkende koepel, maar veel leuker is de bron die achteraan het gebouw ontspringt. Heerlijk vers smeltwater, dat volgens de lokale bevolking een heilzame werking heeft, sijpelt er rechtstreeks uit de berg. “Heilig water”, zo drukken de locals ons op het hart. Geen idee of het werkt, maar de dorst is er in ieder geval prima mee gelest.

 

Praktisch

www.st-martin-belleville.com

www.champagny.com

www.peisey-vallandry.com

 

Driesterrendiner op grote hoogte

Chef-koks René en Maxime Meilleur, vader en zoon, combineren de traditionele smaken van de Alpen met culinaire wereldklasse.

Wie na een paar dagen in de Alpen zijn buik vol heeft van de obligate kaasfondues of raclette die elke avond op tafel komen, kan terecht in driesterrenrestaurant La Bouitte, de culinaire trots van de Savoie en het hoogst gelegen sterrenrestaurant ter wereld.

Chef-koks René en Maxime Meilleur, vader en zoon, combineren de traditionele smaken van de Alpen met culinaire wereldklasse. “Ik werk zo veel mogelijk met producten van hier”, legt Maxime uit, die vroeger nog op het allerhoogste niveau heeft geskied, maar vandaag op al even hoog niveau kookt.

De combinatie van lokale producten als raclettekaas, verse zoetwatervis en alpenboter met de kookkunsten van vader en zoon staan garant voor een smaaksensatie om u tegen te zeggen. Al hadden we met drie Michelinsterren onder de arm niets ander verwacht. De rekening – vanaf 149 euro voor een driegangenmenu – zal u bijna even hard doen duizelen, maar het goddelijke eten en de unieke setting van een driesterrenrestaurant in een alpenchalet maken dat meer dan waard.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *